hier komen promoties & acties

07.03 | Waarom de crisis in de dienstenchequesector een feministische kwestie is

RoSa vzw belicht elke twee weken een specifiek gendergerelateerd thema of bespreekt de genderdimensie van een actueel of onderbelicht onderwerp. Aan de vooravond van de Internationale Dag van Feministische Strijd op 8 maart, zoomen we deze week in op een van de thema’s op de agenda van UN Women die momenteel brandend actueel is: vrouwen die werken in de dienstenchequesector.

Gepubliceerd op 07/03/2024

UN Women zet elk jaar een thema in de kijker op 8 maart. Dit jaar is dat Invest in women: Accelerate progress. Ze focussen daarbij op de economische systemen die ervoor zorgen dat vrouwen worden uitgebuit en financieel worden achtergesteld. Een van de subthema’s is Shifting to a green and caring economy, een thema dat ook in België brandend actueel is. Er werd dit jaar al heel wat geschreven over de groeiende dreiging van armoede bij mensen die tewerkgesteld zijn in de dienstenchequesector. In deze Pers:pectief lees je meer over de oorzaak van die dreiging, de mogelijke slachtoffers, en hoe we naar een toekomst toe kunnen werken waarin zorgarbeid gewaardeerd wordt. 

Werken in de dienstenchequesector

23 februari 2024: honderden huishoudhulpen en vakbondsafgevaardigden komen samen in Brussel om te betogen voor betere loon- en arbeidsvoorwaarden. Zij vrezen loonverlies voor werknemers die via hun werkgevers verbonden zijn aan Federgon, de sectorfederatie van dienstenchequebedrijven. Federgon besloot namelijk om de eindejaarspremie en syndicale premie voorlopig te schrappen, zonder overleg met vakbonden.

Vakbond ABVV rapporteert dat de dienstenchequesector uit ongeveer 2300 erkende ondernemingen bestaat, met in totaal meer dan 150.000 werknemers en meer dan een miljoen gebruikers. Ongeveer 98% van die werknemers is een vrouw. Het grootste deel van deze vrouwen is kortgeschoold, en meer dan de helft heeft een migratieachtergrond. Bovendien werkt 90% van de huishoudhulpen deeltijds, en dat is niet altijd hun eigen keuze: ABVV stelt dat fulltime poetsen niet vol te houden is, zeker wanneer je weet dat huishoudhulpen ook nog een eigen huishouden te runnen hebben en dat veel huishoudhulpen alleenstaande moeders zijn.

Gecombineerd met het feit dat ‘huishoudhulp’ in de top drie van slechtst betaalde beroepen staat, dreigt er een verhoogd armoederisico voor deze vrouwen, zeker wanneer er daarbovenop besparingen en redistributies van financiële middelen plaatsvinden. 

Niet alleen de loon- en arbeidsvoorwaarden, maar ook de arbeidsomstandigheden plaatsen personeel in de dienstenchequesector in precaire situaties:

Fatma Arikoglu van Ella vzw, kenniscentrum gender en etniciteit, legt uit hoe het komt dat vrouwen met een migratieachtergrond oververtegenwoordigd zijn in dit beroep:

Bovendien leveren huishoudhulpen op fysiek vlak zware arbeid, met mogelijk grote gevolgen voor hun gezondheid. De vakbond ABVV ging op onderzoek uit en concludeerde dat negen op de tien ondervraagde werknemers in de dienstensector rugpijn en gewrichts- en spierklachten ondervinden door repetitief en intensief fysiek werk. Ook mentale klachten komen vaak voor: acht op de tien werknemers rapporteert klachten zoals stress, vermoeidheid, slaapproblemen en weinig energie.

De effecten van de (globale) zorgketen

Dienstencheques worden gesubsidieerd door de overheid, en de grootste gebruikers van die cheques zijn mensen in de middenklasse. Zij kunnen hun status en klasse dus behouden - en vaak verhogen - omdat ze hun zorgtaken met financiële steun van de overheid kunnen uitbesteden aan laagbetaalde, kwetsbare werknemers. Die uitbesteding wordt ook wel de zorgketen genoemd: vrouwen werken in steeds grotere getale buitenshuis, maar moeten daarnaast in veel gevallen onbetaalde huishoudelijke en zorgarbeid blijven uitvoeren. Daarom schakelen middenklassers (onder)betaalde hulp in, onder andere via de dienstenchequesector. Hierdoor ontstaat een zorgketen: zorgtaken worden van de ene naar de andere vrouw doorgeschoven, waarbij die eerste zich in de meeste gevallen niet in een precaire situatie bevindt, in tegenstelling tot de vrouw waarbij de (onder)betaalde hulp belandt. Door die zorgketen is een nieuwere vorm van ongelijkheid ontstaan op het vlak van arbeid en zorg en tussen vrouwen onderling: de goedkope arbeid van vrouwen (vaak met een migratieachtergrond), maakt het mogelijk dat (vaak witte) middenklasse vrouwen al dan niet voltijds buitenshuis kunnen gaan werken en economisch welvarender worden. Uit een rapport van de Vlaamse overheid blijkt dat ongeveer 59% van de aanvragers van dienstencheques vrouw is. De meesten onder hen bevinden zich in een zogenaamde “drukke levensfase”: het zijn dertigers en veertigers met een vaste, vaak voltijdse job en kinderen.

Het valt ongelijkheidsexpert Ive Marx (UAntwerpen) op dat de overheid via dienstencheques miljoenen euro’s spendeert aan gezinnen die het volgens hem net minder nodig hebben. Hij baseert zich daarvoor op een studie uit 2019 die aantoont dat 46,4% van de belastingvermindering voor die cheques eigenlijk naar 25% van de rijkste huishoudens gaat. 

De zorgketen kent ook een globale component. Het concept van de globale zorgketen, in 2004 door de Amerikaanse socioloog Arlie Hochschild geïntroduceerd als de ‘global care chain’, verwijst naar de keten waarbij vrouwen migreren om in een ander land zorgtaken uit te voeren voor iemand anders. Ze zorgen dan voor kinderen, hulpbehoevenden en het huishouden van andere, welgestelde families. Deze vrouwen verlaten vaak niet alleen een land, maar ook vrienden en familie, soms zelfs hun eigen kinderen, om elders geld te verdienen. Met dat geld proberen ze de zorg en huishoudelijke arbeid die ze in hun thuisland opnamen te betalen, werk dat dan weer door andere vrouwen wordt uitgevoerd. Zo ontstaat volgens Hochschild een “series of personal links between people across the globe based on the paid or unpaid work of caring”. 

Deze globale zorgketen gaat hand in hand met een fenomeen dat in feministische en academische kringen de ‘dubbele privatisering’ van het huishouden genoemd wordt. Socioloog Emma Dowling legt uit dat een dubbele privatisering betekent dat een groot deel van het eigen inkomen naar producten en diensten gaat die ervoor zorgen dat mensen hun levens kunnen blijven onderhouden. Deze diensten, zoals huishoudhulpen, bestaan vaak uit on(der)betaalde arbeid die wordt uitgevoerd door mensen die deze producten en diensten zelf niet kunnen betalen, en zo komen we terug uit bij de globale zorgketen.

Op naar een care society?

Volgens UN Women leven we vandaag in een economisch systeem dat grotendeels afhankelijk is van de on(der)betaalde zorgarbeid die door vrouwen wordt uitgevoerd: vrouwen in de midden- en hogere klassen besteden dit werk vaak uit aan andere, kwetsbaardere vrouwen, zodat zij zelf buitenshuis kunnen gaan werken.

Omdat het huidige systeem ongelijkheid mee in de hand werkt en zelfs uitvergroot, wordt er gezocht naar oplossingen. Dowling merkt op dat er vaak kortetermijnoplossingen worden gebruikt, terwijl het probleem volgens haar te complex is voor quick fixes: zorg wordt vandaag immers publiek gefinancierd, geprivatiseerd en uitbesteed.

De dienstensector is een voorbeeld van een oplossing die achteraf niet duurzaam bleek: het systeem werd oorspronkelijk in het leven geroepen om verschillende redenen. Ten eerste zou het zwartwerk aanpakken: huishoudhulpen werkten vaak zonder arbeidsregistratie en dus ook onverzekerd en onbelast. Ten tweede moest het kwetsbare groepen in ons land te werk stellen. Bovendien zou het systeem een oplossing bieden voor de tijdsdruk die ontstaat uit de krappe balans tussen arbeid en zorg bij middenklassers en tweeverdieners. Hoewel vandaag het grootste deel van de huishoudhulpen via officiële instanties tewerkgesteld en betaald wordt, werken en leven huishoudhulpen nog steeds in kwetsbare en soms zelfs precaire situaties. Zoals Dowling stelt in haar boek, heeft deze kortetermijnoplossing de problemen met betrekking tot zorgarbeid alleen vervangen door nieuwe problemen, en werd de zorgarbeid daarmee gecommercialiseerd. Met andere woorden: zorg wordt een vermarkte dienst, maar wordt nog steeds uitgevoerd door, en verwacht van vrouwen in kwetsbare situaties.

Ook UN Women wil een duurzame oplossing voor de huidige problemen in de dienstensector vinden. Zij stellen een ‘care society’ voor: een economisch systeem waarbij die arbeid zowel financieel als maatschappelijk gewaardeerd en gedeeld wordt, en waarbij rekening gehouden wordt met gendergelijkheid en mensenrechten in de financiering van zorg:

In een care society staat zorg voor mens en planeet centraal, en is het verlenen van die zorg een verdeelde verantwoordelijkheid van de staat, markten, gemeenschappen en gezinnen. 

Ook socioloog Arlie Hochschild stelt dat een herwaardering en herverdeling van zorgarbeid centraal moet staan in oplossingen voor de huidige problemen in de sector. Ze pleit er ook voor om kritisch te kijken naar de westerse feministische droom van emancipatie in de vorm van economische onafhankelijkheid door middel van voltijdse jobs. Tweeverdieners moeten zorgtaken volgens haar hoe dan ook beter verdelen, en daarvoor is een hertekening van onze economie nodig. Daarom pleiten tal van feministen, academici en beleidsmakers al sinds de tweede feministische golf voor een collectieve arbeidsduurverkorting. Dat voorstel legde voorzitter van de Waalse socialistische partij PS Paul Magnette onlangs ook op tafel. Het idee botste op veel kritiek: het zou immers economisch niet realistisch zijn. Daar is Belgisch politicoloog Olivier Pintelon het niet mee eens. In zijn boek De strijd om tijd (2018) verdedigt hij structurele arbeidsduurverkorting als dé manier om ongelijkheid op het vlak van arbeid en zorg tussen vrouwen onderling en tussen mannen en vrouwen op te lossen. Hij stelt dat een 30-urenweek wel economisch haalbaar is, en ervoor zou zorgen dat elk werkend gezin voldoende tijd heeft om huishoudelijke en zorgtaken te verdelen, in plaats van ze uit te besteden aan goedkope en on(der)betaalde arbeidskrachten.



In de pers:

Meer weten?

Aanraders uit de RoSa-bibliotheek:

Bron banner en hoofdafbeelding: Towfiqu barbhuiya via Unsplash

#RoSaschrijft #Perspectief #Nieuwsbrief #8maart #Internationaal #Strijd #Feminisme #Actie #Dag #Dienstencheques #Ongelijkheid #Vrouwen #Genderongelijkheid #GlobalCareChain #Zorg #Keten

Blijf op de hoogte van RoSa's aanbod

Als kenniscentrum ontwikkelt RoSa geregeld gratis educatieve en sensibiliserende tools rond gender en feminisme. Ontvang als eerste een mail wanneer RoSa haar aanbod uitbreidt.(max. 3 mails per jaar)

Schrijf je in